Realiteit: De Islamitische aanraking!
Dr. Mohammad Omar Farooq
Translated from the original by: Martine Van Peteghem [Belgium]
Verleend aan: Islamicity (April 18, 2003)
[Disclaimer: The original author does not know Dutch and therefore unable to independently vouch for the translation. However, the translator seems to have made a capable and conscientious effort.]
“De
Waarheid! Wat is de waarheid?
En wat zal je doen realiseren wat de waarheid is?”
Dit
zijn verzen die iemands dalend bewustzijn bewust proberen schokken om het af te
stemmen op de waarheid. Ik ben er
me van bewust dat m’n ogen open zijn – dat zijn ze meestal.
Maar de ogen van mijn geest waren afgesloten.
Al de zegeningen die onze Liefdadige Heer me verleende, al de kennis en
wijsheid die ik bereikte, al de vrienden en mensen die me het beste toewensen,
die ik mag kennen: toch ga ik als mens gebukt onder mijn mislukkingen, onder
mijn onvermogen om mijn bewustzijn erbij te houden.
Ervan bewust zijnde dat mijn bewustzijn sporadisch snel kan afnemen, heb
ik af en toe nood aan die bewustmakende schok:
“De waarheid! Wat is de
waarheid?…”
Een
kijkje in mijn e-mailbox en ik zie moslims discussiëren op een grote
Islamitische listserver over het feit of amien stil of luidop zou moeten gezegd
worden tijdens gebeden. Ja, het
gebed is fundamenteel in Islam en bidden op de manier die overeenkomt met die
van de Profeet (vzmh) is belangrijk, maar moeten moslims kibbelen over zo’n
details – en dat sinds eeuwen?
Ik
zie Islamitische tijdschriften die hun geliefde moslimbroeders en –zusters
constant herinneren aan de vernieuwingen (Bid’at) in Islam en aan het
serieus gevolg van zo’n dingen in het leven hierna.
Ja, moslims moeten op hun hoede zijn voor vernieuwingen in het geloof of
rituelen, maar zelfs de constante herinnering hieraan kan een vernieuwing op
zich zijn omdat de Profeet (vzmh) dit zo niet deed. Bovendien is vernieuwing in een andere – technologische –
zin, een vereiste in deze tijd. Is
het een wonder dat een maatschappij die voortdurend gewaarschuwd wordt voor
vernieuwingen, over het algemeen vernieuwingen kan onderdrukken?
Ik
hoor van de vrijdagspreken hoe vrouwen hun hoofd moeten bedekken zodat er geen
enkele haarstreng gezien kan worden. Observatie
van Islamitische richtlijnen in elk aspect is belangrijk.
Interessant genoeg, lijkt het dat wanneer het aankomt op het aanmanen van
vrouwen en ervoor te zorgen dat ze in ‘in goede lijn’ met Gods wensen
blijven leven, we overambitieus bezield en alert kunnen zijn.
De hijab mag een pijler in de khoetba (preek van de Imam) zijn, ik heb
zelden een citaat van de Koran gehoord dat eer bewijst aan de “strijdende”
vrouwen. “En hun Heer
verhoorde hen, zeggende: “Ik zal
het werk van iedere werker onder u, hetzij man of VROUW, niet verloren doen gaan.
– Gij behoort tot elkander. – En Ik zal van hen, die hun land verlieten en
van hun huizen zijn verjaagd en voor Mijn Zaak zijn vervolgd en die hebben
GEVOCHTEN en zijn gedood, de fouten zeker bedekken en zal hen tuinen doen
binnengaan, waar doorheen rivieren stromen: een beloning van Allah en bij Allah
is de beste beloning. “(3:195)”
Ik
observeer kinderen die berispt worden in moskeeën omdat ze beschouwd worden
alsof ze absoluut geen respect hebben voor de strenge, luide, oorverdovende,
beangstigende khoetba’s waar zelfs de volwassenen het moeilijk mee hebben om
er zich aangetrokken toe te voelen. Ja,
kinderen zouden onderwezen moeten worden over hoe ze zich op verschillende
plaatsen moeten gedragen, maar denken we er ooit over na dat sommigen van deze
kinderen een slechte indruk over hun bezoek aan moskeeën kunnen ontwikkelen en
dat ons gebrek aan tolerantie voor hun kinderlijk gedrag later hun verbondenheid
met de Moskee zou kunnen wegvagen? Wat
is onze prioriteit?
Ik
bezoek websites die opgedragen zijn aan het opstellen van lijsten van selecte
moslimgroepen die niet gered zullen worden.
Ja, correct geloven en dingen gepast doen is belangrijk.
En toch is de Koran zo uitgesproken gekant tegen verdeeldheid en
veroordelingen. (23: al Mu’minoon: 52-53)
Ik
kom pulpliteratuur tegen over Islam in verschillende delen van de moslimwereld
die een lijst opstellen van 124 of 132 fards (het verplichte) in Islam,
waarbij vermeld wordt te geloven in de vier madhabs (rechtsscholen) die
samen vier fards vertegenwoordigen (dat eigenlijk vijf moet zijn, inclusief dat
van Imam Jafar Sadiq). Natuurlijk
ken ik, een gestudeerd moslim, de volledige lijst van fards niet helemaal.
Opmerkelijk is dat verbonden zijn aan een bepaalde madhab
over het algemeen slechts toevallig door onze geboorte bepaald wordt en
zowel de Profeet (vzmh) als zijn volgelingen kenden geen enkele madhab.
Er
is een positieve kant aan dit alles. In
essentie zijn de meeste van deze mensen zich aan het proberen voor te bereiden
op het bereiken van het ultieme, de verlossing (fallah).
De meesten van hen doen waarschijnlijk hun best overeenkomstig met wat ze
door hun cultuur geleerd hebben te geloven wat essentieel is voor hun verlossing.
Toch is er iets scheef gegaan. Islam,
de religie van vrede, ervaart nergens vrede.
Moslimnaties verkeren intern zowel als extern niet in vrede.
Moslims leven niet in vrede met zichzelf.
Moskeeën, moslimgemeenschappen en –organisaties gaan niet in vrede om
onder elkaar. Moslims behoren tot
diegenen in de wereld met het hoogste analfabetisme, armoede, kindersterfte,
onveiligheid, enzovoort. Dat is een
spijtige waarheid. Maar is het
benadrukken van alle details de manier, overeenkomstig met de
leerstellingen van Islam, om zich voor te bereiden op de ultieme realiteit,
waarmee wij, als mensen, moeten wedijveren?
Als
verlossingen of die Waarheid van uiterst belang zijn voor ons, lijkt het of
moslims in het algemeen, hun prioriteiten wel eens door elkaar kunnen gegooid
hebben. Moslims hebben inderdaad
grotendeels hun verbondenheid met een centraal Islamitisch concept verloren:
evenwicht en matiging. Per slot van rekening is een belangrijke onderscheiding van
deze Oemma toch dat het een de evenwichtige Oemma is ( Ummatau wassat)
(2: al Baqarah/143).
Laat ons enkele duidelijke Islamitische richtlijnen bekijken. Moslimbegrip en toepassingen worden overschaduwd door overdreven ritualisering en legalisering, het negeren van morele, gedrags- en houdingsaspecten. De Koran doet ons eraan denken onze prioriteit puur en evenwichtig te houden door te focussen op grote zonden, zodat Allah de kleine zonden en fouten zal uitvegen. (4/an Nisa’a/31); toch kunnen we moeilijk zonder onze voorliefde voor teveel details. Bekijk een lijst van sleutelverzen uit de Koran op: http://www.globalwebpost.com/farooqm/islam/index.htm.
Omdat één
enkele Hadieth – en zelfs deze geloofwaardigheid kan men in vraag stellen –
zegt “… Een natie zal geen succes kennen als zij een vrouw het bevel in
zaken laat voeren” (Sahih al Bukhari, vol. 5, #709), de meest overdreven en
beperkende regels zijn gevestigd rond leiderschap.
Aan de andere kant zei de Profeet (vzmh): “ Degenen die toegeven aan
muggenzifterij zijn VERLOREN.” (Sahih Muslim; vol. 4 #6450) toch lijkt onze
voorkeur naar die details van de religie te gaan op basis waarvan we scheuring
levendig hebben gehouden, in die mate dat in veel gevallen moslims zelfs niet
veilig zijn voor de handen en tongen van hun moslimbroeders.
We zijn zelfs de strenge waarschuwing van de Profeet (vzmh) vergeten: “
Een persoon die grondig onderzocht wordt (op de Dag des Oordeels bij Allah) is
verloren” (Hadhrat Aisha, Sahih Muslim, #6874), en toch lijken de meesten
passioneel geobsedeerd te zijn om anderen te beoordelen, vooral op onbeduidende
details.
Voor het geval we het verkeerd begrijpen, persoonlijke devotie voor details is de schoonheid van iemands persoonlijk geloof en verbondenheid, zoals iemand die zichzelf aan zijn/haar geliefde van zijn/haar mooiste kant laat zien. Tenslotte wil Allah onze relatie verhoogd zien tot het niveau van liefde, niet? “… gelovigen worden overspoeld door hun liefde voor Allah” (2/al Baqara/165) “Zeg: “Indien gij Allah liefhebt, volgt mij, Allah zal u liefhebben en uw zonden vergeven. Allah is Vergevensgezind, Genadig.” (3:31)” Van Allah wordt verondersteld meer te houden dan een moeder van haar kinderen (Riyadus Saleheen #418).
Een
liefdesrelaties is van die aard dat ze niet gebaseerd kan zijn op muggenzifterij.
In liefdesrelaties worden zoveel dingen niet uitgesproken maar begrepen.
Interessant is dat in liefdesrelaties passie onze communicatie soms
vertroebeltt – de juiste woorden komen niet – maar dat is de taal van de
liefde. (Lees “De taal van de liefde op (http://www.globalwebpost.com/farooqm/writings/islamic/servant.html.)
De kwestie van onze liefde voor de godsdienst en de Soenna, niet te laten uitdraaien op obsessionele muggenzifterij is niet enkel een academisch of polemisch probleem. Men kan de effecten in verscheidene delen van de moslimwereld zien. In sommige landen kennen mensen algemene veiligheid in hun leven, maar enkel onder niet-islamitisch autocratisch of monarchaal bewind zoals in Saoedi-Arabië. In veel andere landen zoals Bangladesh of Pakistan is er geen algemene veiligheid voor de bevolking.
Terwijl er een groot nijpend tekort is aan synergetische en voldoende collectieve inspanningen om institutionele veranderingen teweeg te brengen in de moslimwereld, is er een groot fenomeen, nl. dat er, parallel aan de overdreven nadruk op details, ook een eerder overdreven nadruk op vorm dan op inhoud ligt. We maken vaak – om het zacht uit te drukken – verhitte woordenwisselingen mee over het feit of je tussen Tahajjud en Fajr gebeden mag slapen! We maken ook vaak beledigende discussies mee in tijdschriften of on-line, bvb. of Dua Qunut voor of na Ruku in Witr gebeden zouden gedaan moeten worden. Sommige discussies zijn natuurlijk oneindig, zoals of het goed is om je handen omhoog te houden terwijl je een dua doet. Al deze discussies gaan onverminderd door, eeuwen en generaties na elkaar, terwijl de Profeet (vzmh) ons in ondubbelzinnige termen geleerd heeft dat “Voorwaar Allah kijkt niet naar je verschijning of weelde, maar Hij kijkt naar je hart en daden.” (Sahih Muslim, vol # 6221)
Hoeveel keer heb jij al een khoetba of discussie gehoord i.v.m. deze belangrijke Islamitische richtlijn om onze aandacht van de nadruk op vorm naar de evenwichtige nadruk op inhoud te verschuiven?
Ja,
de overdreven nadruk op wetten maken heeft ons van onze manieren en
karakters bestolen, eigenlijk van een groot deel van onze menslievendheid (Insaniyat),
hoewel de Profeet (vzmh) ons geleerd heeft: “ Door zijn goed karakter zal een
gelovige het niveau bereiken van iemand die ’s nacht bidt en overdag vast.” (Sunan
Abu Dawood, #4780)
Inderdaad,
al diegenen die om de Realiteit geven (al Haqqa) – de ultieme Waarheid –
zouden aandacht aan de Profeets (vzmh) leerstelling moeten schenken: “Niets
weegt zwaarder dan goed karakter op de Dag van de Opstanding.” (Sunan
Abu Dawood, #4781)
Dus, wat kan ons helpen om met de Waarheid om te gaan? Blijkbaar helpen uiteindelijk zelfs onze goede daden weinig of niet. “De daden van iemand van jullie zullen jullie NIET redden (van het hellevuur). “ (Sahih al Bukhari, vol. 8 #470) Deze specifieke hadieth is heel educatief geweest voor mij, vooral voor een gewone moslim als mij, die veel mislukkingen en tekortkomingen kent. Ik weet niet wat de 100+ fards zijn. Ik bid Tarawih soms 20 keer en soms 8 keer. Ik ben niet zeker of mijn baard de geschikte lengte heeft. Al de tekortkomingen en mislukkingen samen, waarop kan ik hopen?
En toch
geeft de voorgaande hadieth hoop voor iedereen die blijft hopen op het gezicht
van de waarheid. Mijn bescheiden
lezen van de leerstelling van de Profeet (vzmh) in deze context heeft mijn ogen
geopend. Tijdens het zorgvuldig
lezen van wat beschikbaar was, bvb, in Bukhari, Muslim, Abu Dawood, Muatta
enzovoort, ben ik geen enkel geval tegengekomen (verbeter me als ik verkeerd ben)
waarbij een persoon gered of vergeven werd op het laatste moment doordat hij
juist was over de 8 of 20 raka’at van tarawih gebeden, het stil of luidop
zeggen van amien, doordat hij tot een bepaalde organisatie/jamaat/firqa behoorde
of door de specifieke lengte van zijn baard.
Maar er zijn wel een aantal illustere hadieth die specifiek gevallen
vermelden waarbij een bepaalde persoon wel werd gered, vergeven of in het
Paradijs werd binnengelaten. Dit
zijn meestal gevallen die over mensen gaan waarvan we meestal niet eens denken
dat ze een kans hebben. Laat ons
even naar een paar van die gevallen kijken.
“Een man
verrichtte NOOIT een goede daad maar verplaatste een doorntak van de weg;
of die aan een boom groeide en er door iemand werd afgesneden en op de
weg werd gegooid, of er gewoon lag, de
man verplaatste hem. Allah
aanvaardde deze goede daad en bracht hem binnen in het Paradijs.”
(Sunan Abu Dawood; Vol. 3, #5225)
“Een prostitué (!) werd vergeven door Allah, omdat, toen ze voorbij een hijgende hond passeerde bij een waterput en zag hoe de hond bijna stierf van de dorst, ze haar schoen uitdeed, haar hoofddoek eraan vastbond en zo wat water voor de hond ophaalde. Dus Allah vergaf haar door dit. “ (Sahih al Bukhari, vol. 4 #538)
“Aisha verhaalde: Een arme vrouw kwam bij me langs samen met haar dochters. Ik gaf haar drie dadels. Ze gaf aan elk van haar dochters een dadel en nam er zelf één, bracht hem naar haar mond om hem op te eten, maar haar dochters lieten merken dat zij hem wilden opeten. Daarop verdeelde ze de dadel die ze wou opeten in twee voor hen. Dit soort behandeling bracht me onder de indruk en ik vertelde wat ze deed aan de Profeet van Allah (vzmh). Daarop zei hij: Voorwaar Allah heeft een plaats in het Paradijs voor haar verzekerd, door wat ze deed, of Hij heeft haar gered van het hellevuur.” (Sahih Muslim, #6363) (Ik ben een collectie op internet aan het zetten met dit soort hadieth. Als iemand van jullie zo’n hadieth leest of kent, laat ze me alsjeblieft weten op farooqm@globalwebpost.com)
Elk van de bovenstaande gevallen heeft overeenkomsten. Het is voor niemand van de vermelde personen vastgesteld dat ze vroom waren, zoals in het geval van de man die de tak verplaatst of de prostitué die water gaf aan de dorstige hond. In het geval van de moeder die haar dadel deelt, weten we niet of ze een vroom mens was. Een andere overeenkomst is dat geen enkele van de daden verbonden is aan aqeedah (geloofsbelijdenis) of rituelen. De meest belangrijke onderliggende overeenkomst is dat hun daden, die niet bewust verricht werden met de gedachte wat het gevolg zou kunnen zijn voor het Hiernamaals, het leven van een ander positief en met zorg beïnvloedden of die bedoeling hadden. In één geval ging het zelfs over een hond. Al deze daden waren spontane momenten tijdens dewelke hun ware menslievendheid (insaniyat), een reflectie van Gods Genade, naar boven kwam, door een kleine, anders niet vermeldenswaardige daad.
Mijn onduidelijke geest keert terug naar Soera al Haqqa! Veel algemene dingen worden vermeld in deze soera over veel gemeenschappen die vernield werden door hun koppige zonden. Enkel één ding word specifiek vermeld nl. dat over het niet voeden van de behoeftigen, een daad die iemand anders leven raakt (vers #34). In de Koran wordt amali salihat zo vaak vermeld met te zeggen dat iman (geloof, vertrouwen) belangrijk is voor de identiteit en het bestaan van een gelovige. Als we deugdzame daden (amali salihat) bekijken die van speciaal belang kunnen zijn om gered te kunnen worden, zien we dat de meeste van deze daden het leven van anderen raken. Ik keerde terug en las al Haqqa opnieuw en opnieuw. De gangbare hoofdbezigheid van moslims lijken daden te zijn, inclusief alle irrelevante details, die enkel betrekking hebben op zichzelf: de lengte van hun baard, het aantal raka’at van tarawih, het aantal keer dat je je moet wassen na het urineren enzovoort. De bovenstaande gevallen lijken een soort daad voor te stellen die het leven van anderen raakt, of het nu gaat over mensen of de levens die geraakt werden, moslims zijn, Hindoes, christenen, joden, boeddhisten, secularisten of atheïsten.
Zoveel moslims het vechten benadrukken (waarvan veel tussen moslims zelf), zoweinig wordt er nadruk gelegd op het positief raken van het leven van anderen. Het lijkt inderdaad zo dat door het onder ogen zien van de Waarheid, we evenveel aanraking van Allahs Barmhartigheid, Genade en Zorg kunnen gebruiken, als door de moeder die de dadel met haar dochters deelde, stroomde, door de man die de doorntak verplaatste van de weg en niet te vergeten, door de prostitué die de hond hielp zijn dorst te lessen. Zij handelden niet met het gedacht een moslim of gelovige te zijn. Zij handelden door wat menslievendheid (insaniyat) in ons zou moeten opwekken. We moeten Islam als mensen uitdrukken. Onze persoonlijke devotie voor details van de godsdienst moet, in overeenkomst met de duidelijke leerstellingen van de Koran en de Soenna, in evenwicht zijn met onze waardering van menselijkheid in een breder perspectief – het moet boven bekrompen etnische, religieuze en andere grenzen gaan. Aldus, hebben we,om de ultieme Waarheid onder ogen te kunnen zien, naast alles wat we geleerd hebben te doen en wat we over het algemeen doen als moslims, deze Islamitische aanraking van menslievendheid nodig.
Wat kunnen wij als individuelen doen om zo’n Islamitisch gevoel te hebben? Waarom beginnen we niet allemaal met elke dag iets bescheiden te doen?
Iets
bescheiden vandaag!
Er
is zoveel te doen in ons leven
En ja, zoveel te zeggen
Ik
weet dat ik het kan en ik hoop echt
Dat
ook ik vandaag iets bescheiden doe.
Laat
me iemands dorst helpen lessen –
Al
is het een vriend, een vreemdeling, of zelfs een hond,
Laat
me iemands last helpen dragen:
Een
doos, last of een blok hout.
Laat
me iemand steunen
Of
iemand helpen, misschien
Laat
me als ik langs de weg kom
Een
doorntak verplaatsen
Laat
me een hoopgevend woord zeggen
Of
iemand de weg helpen vinden
Al
de dingen die ik op een dag doe
Oh,
mijn Heer, laat me vandaag iets bescheiden doen.
Mijn
amateuristisch gedicht zou je moeten herinneren aan een hadieth.
Hadhrat Abu Hurairah verhaalt dat de Profeet (vzm) zei: “Liefdadigheid
moet uit elk deel van iemands lichaam komen.
Elke dag wanneer de zon opkomt, is rechtvaardigheid tussen twee personen
liefdadigheid; is een persoon helpen zijn berg te beklimmen of zijn bagage
aangeven liefdadigheid; is een vriendelijk woord liefdadigheid; is elke genomen
stap om de salaat mee te doen liefdadigheid; is iets verplaatsen dat schade op
de weg kan berokkenen liefdadigheid.” (Sahih
Muslim, Kitabul Zakah #2204)
Noot: Je kan 100+ Lezerscommentaar lezen en je eigen commentaar over dit artikel achterlaten op IslamiCity op: http://www.islamicity.com/articles/Articles.asp?ref=IC0304-1938.
| This page has
been visited by |
Home Index of My Writings Have you visited my other sites? Kazi Nazrul Islam? Genocide/Bangladesh/1971? Hadith Humor? |
Martine Van Peteghem Martine
Van Peteghem Martine Van Peteghem Martine Van Peteghem
Islam in Dutch Islam in Dutch Islam in Dutch Islam in Dutch Islam in Dutch Islam
in Dutch Islam in Dutch
Martine Van Peteghem Martine Van Peteghem Martine Van Peteghem Martine Van
Peteghem
Islam in Dutch Islam in Dutch Islam in Dutch Islam in Dutch Islam in Dutch Islam
in Dutch Islam in Dutch
Moskee Moslim religies band salaat Koran Moskee Moslim religies band salaat
Koran
Moskee Moslim religies band salaat Koran Moskee Moslim religies band salaat
Koran
Moskee Moslim religies band salaat Koran Moskee Moslim religies band salaat
Koran
Martine Van Peteghem Martine Van Peteghem Martine Van Peteghem Martine Van
Peteghem
Islam in Dutch Islam in Dutch Islam in Dutch Islam in Dutch Islam in Dutch Islam
in Dutch Islam in Dutch
Martine Van Peteghem Martine Van Peteghem Martine Van Peteghem Martine Van
Peteghem
Islam in Dutch Islam in Dutch Islam in Dutch Islam in Dutch Islam in Dutch Islam
in Dutch Islam in Dutch
Moskee Moslim religies band salaat Koran Moskee Moslim religies band salaat
Koran
Moskee Moslim religies band salaat Koran Moskee Moslim religies band salaat
Koran
Moskee Moslim religies band salaat Koran Moskee Moslim religies band salaat
Koran